Recensie
NPO Start-serie 'Patience' seizoen 2: ondanks clichés en stereotiepen rondom autisme is dit Britse moordmysterie weer leuk
Het aandoenlijke genie krijgt te maken met een nieuwe baas die niet in haar gelooft.
Regie: Maarten Moerkerke | Cast: Ella Maisy Purvis (Patience Evans), Jessica Hynes (DI Monroe), Tom Lewis (Elliot Scott), Mark Benton (DCI Baxter), Nathan Welsh (Jake Hunter), Ali Ariaie (Will Akbari), e.a. | Afleveringen: 8 | Speelduur: 44-46 minuten | Jaar: 2026
Als we films en televisieseries moesten geloven dan zou een overgroot deel van de bevolking met autisme bij de politie werken, met name bij de recherchedienst. Logische raadsels oplossen, afsluiten voor emotionele ruis, uitstekende waarneming en een grenzeloos doorzettingsvermogen zijn vaardigheden die we vaak aan hoogfunctionerende mensen op het spectrum toeschrijven en die in de juiste (respectvolle) context erg vermakelijk zijn. De serie Patience combineert alle stereotypen in het titelpersonage en serveert een leuk tweede seizoen.
Patience Evans is zelf geen rechercheur, maar werkt als dossierbeheerder bij het archief van de politie van York. Als er echter een moord wordt gepleegd is ze er altijd als de kippen bij om haar licht op de zaak te laten schijnen. Een stijve tred, koptelefoon op, rugzakje om en grote ogen die bijzonderheden observeren die anderen ontgaan. Haar officieuze mentor is tussen de seizoenen in echter naar Glasgow verhuisd en nu heeft Patience te stellen met de nieuwe D.I. (Detective Inspector) Francesca Monroe.
D.I. Monroe wil de jonge archivaris, die ze schamper ‘Headphones’ noemt, niet op de plaatsen delict rond zien snuffelen, ook al verzekeren alle andere politiebeambten haar dat Patience’ bijdrage onmisbaar is om de zaken op te lossen. Het leidt tot veel verdriet bij de kwetsbare twintiger. En daarnaast heeft ze ook te maken met ontluikende liefde waar ze naar goed gebruik onder neurodivergente personages amper raad mee weet. Ja, Patience krijgt weer veel op haar bordje dit tweede seizoen.
Ella Maisy Purvis is onverminderd aandoenlijk als het titelpersonage met de grote ogen. Purvis speelt haar rol genuanceerd. Ze is geen ‘Rain Man’, maar iemand die van zichzelf zegt: “Ik ben oké met semi-spontaan.” De serie zet haar aparte vaardigheden af en toe wel wat overdreven neer (ze tekent bij een van de zaken bijvoorbeeld gigantische muzieknoten op de grond) en gooit ons af en toe dood met haar briljante ingevingen en de onkunde van de mensen om haar heen.
Vooral de forensisch arts maakt er een potje van en moet constant door onze heldin gecorrigeerd worden. Een betere dosering was hier fijn geweest. Ook D.I. Monroe moet het natuurlijk ontgelden in de ogen van de kijker, maar gelukkig durft zij Patience wel bij de latere onderzoeken te betrekken, al blijft ze haar Headphones noemen. Een denigrerende bijnaam is puur vergif op elke werkvloer, maar die boodschap is bij D.I. Monroe nog niet aangekomen. Overigens volgen we haar verrichtingen en vorderingen in de zaak even aandachtig als die van Patience. Die laatste lijkt soms een gast in haar eigen serie.
De zaken die het Yorkse politieteam behandelt zijn weer een aardige mix zoals we die van het ‘één moord per aflevering’-genre kennen. Hier wordt een pater gedood, daar een zakenman en in weer een andere aflevering een expert op het gebied van de geschiedenis van de Vikingen, enzovoort. De detectiveverhaaltjes zijn amusant, maar niet van het allerhoogste niveau. Het blijft ook lastig om iets nieuws te verzinnen in dit behoorlijk dichtgeslibde segment.
De serie Patience ontkomt niet aan de clichés van het genre, waarbij vooral de spontane schuldbekentenissen en precieze uitleg van wat er is gebeurd op de moordlocatie wel een keer overgeslagen hadden mogen worden. Maar goed, deze serie moet het ook niet hebben van het briljante schrijfwerk, maar vooral van het goede acteren van haar hoofdrolspeler (ook de rest van de cast is uitstekend) en die neurodivergente invalshoek. Wat dat betreft stelt dit tweede seizoen niet teleur en kunnen we nu geduldig wachten op het derde, waarvan de opnames al zijn begonnen.
Als we films en televisieseries moesten geloven dan zou een overgroot deel van de bevolking met autisme bij de politie werken, met name bij de recherchedienst. Logische raadsels oplossen, afsluiten voor emotionele ruis, uitstekende waarneming en een grenzeloos doorzettingsvermogen zijn vaardigheden die we vaak aan hoogfunctionerende mensen op het spectrum toeschrijven en die in de juiste (respectvolle) context erg vermakelijk zijn. De serie Patience combineert alle stereotypen in het titelpersonage en serveert een leuk tweede seizoen.
Patience Evans is zelf geen rechercheur, maar werkt als dossierbeheerder bij het archief van de politie van York. Als er echter een moord wordt gepleegd is ze er altijd als de kippen bij om haar licht op de zaak te laten schijnen. Een stijve tred, koptelefoon op, rugzakje om en grote ogen die bijzonderheden observeren die anderen ontgaan. Haar officieuze mentor is tussen de seizoenen in echter naar Glasgow verhuisd en nu heeft Patience te stellen met de nieuwe D.I. (Detective Inspector) Francesca Monroe.
D.I. Monroe wil de jonge archivaris, die ze schamper ‘Headphones’ noemt, niet op de plaatsen delict rond zien snuffelen, ook al verzekeren alle andere politiebeambten haar dat Patience’ bijdrage onmisbaar is om de zaken op te lossen. Het leidt tot veel verdriet bij de kwetsbare twintiger. En daarnaast heeft ze ook te maken met ontluikende liefde waar ze naar goed gebruik onder neurodivergente personages amper raad mee weet. Ja, Patience krijgt weer veel op haar bordje dit tweede seizoen.
Gerelateerd nieuws
Ella Maisy Purvis is onverminderd aandoenlijk als het titelpersonage met de grote ogen. Purvis speelt haar rol genuanceerd. Ze is geen ‘Rain Man’, maar iemand die van zichzelf zegt: “Ik ben oké met semi-spontaan.” De serie zet haar aparte vaardigheden af en toe wel wat overdreven neer (ze tekent bij een van de zaken bijvoorbeeld gigantische muzieknoten op de grond) en gooit ons af en toe dood met haar briljante ingevingen en de onkunde van de mensen om haar heen.
Vooral de forensisch arts maakt er een potje van en moet constant door onze heldin gecorrigeerd worden. Een betere dosering was hier fijn geweest. Ook D.I. Monroe moet het natuurlijk ontgelden in de ogen van de kijker, maar gelukkig durft zij Patience wel bij de latere onderzoeken te betrekken, al blijft ze haar Headphones noemen. Een denigrerende bijnaam is puur vergif op elke werkvloer, maar die boodschap is bij D.I. Monroe nog niet aangekomen. Overigens volgen we haar verrichtingen en vorderingen in de zaak even aandachtig als die van Patience. Die laatste lijkt soms een gast in haar eigen serie.
De zaken die het Yorkse politieteam behandelt zijn weer een aardige mix zoals we die van het ‘één moord per aflevering’-genre kennen. Hier wordt een pater gedood, daar een zakenman en in weer een andere aflevering een expert op het gebied van de geschiedenis van de Vikingen, enzovoort. De detectiveverhaaltjes zijn amusant, maar niet van het allerhoogste niveau. Het blijft ook lastig om iets nieuws te verzinnen in dit behoorlijk dichtgeslibde segment.
De serie Patience ontkomt niet aan de clichés van het genre, waarbij vooral de spontane schuldbekentenissen en precieze uitleg van wat er is gebeurd op de moordlocatie wel een keer overgeslagen hadden mogen worden. Maar goed, deze serie moet het ook niet hebben van het briljante schrijfwerk, maar vooral van het goede acteren van haar hoofdrolspeler (ook de rest van de cast is uitstekend) en die neurodivergente invalshoek. Wat dat betreft stelt dit tweede seizoen niet teleur en kunnen we nu geduldig wachten op het derde, waarvan de opnames al zijn begonnen.