Series / Nieuws
Waarom de afleveringen van de allergrootste serie die momenteel op HBO Max wordt uitgezonden zo kort zijn
De afleveringen van A Knight of the Seven Kingdoms zijn bewust korter voor een compacte verhaallijn.
Wie naar A Knight of the Seven Kingdoms kijkt, merkt al snel dat de afleveringen opvallend kort zijn. In plaats van de gebruikelijke HBO-lengte van een uur, duren de meeste afleveringen van deze Game of Thrones-prequel slechts zo’n dertig minuten. Volgens showrunner Ira Parker is dat een bewuste keuze geweest, die al vóór de goedkeuring van George R.R. Martin werd gemaakt.
De serie, gebaseerd op Martins Tales of Dunk and Egg, telt acht afleveringen en focust op de jonge ridder Ser Duncan de Lange en zijn schildknaap Egg. Waar andere Westeros-series zich vaak verliezen in zijsporen of politieke intriges, wilde Parker het verhaal compact en trouw aan de bron houden. “We hebben het geschreven alsof George zelf een boek van 300 pagina’s had gemaakt,” aldus de showrunner.
Parker benadrukt dat de kortere afleveringen niet het gevolg zijn van bezuinigingen, maar een inhoudelijke keuze. "We wilden het niet oprekken. Geen vreemde zijmissies met Dunk en Egg. We blijven bij de kern." Die focus hielp ook om Martin te overtuigen van de aanpak. De schrijver zou huiverig zijn geweest voor een uitgerekte bewerking van zijn relatief korte verhalen.
De beknopte opzet gaf de makers ook ruimte om Westeros meer op detailniveau tot leven te brengen. Zo speelt het volkse poppentheater een rol in de serie, net als de liederen waar Martin in zijn boeken veel aandacht aan besteedt, maar die tot nu toe zelden op tv opdoken.
Hoewel de serie dicht bij de novelles blijft, zijn er ook toevoegingen. Zo krijgt Lyonel Baratheon een uitgebreidere rol dan in het boek, waar hij slechts één zin had. In de eerste aflevering heeft hij nu een gedenkwaardige scène die speciaal voor de serie is geschreven. Volgens Parker is dat precies de balans: uitbreiden waar het iets toevoegt, zonder de vaart uit het verhaal te halen.
De korte speelduur per aflevering zorgt er volgens Parker voor dat kijkers zich echt kunnen concentreren op Dunk en Egg en hun band, zonder afgeleid te worden door overbodige verhaallijnen. En als het aan de showrunner ligt, blijft dat ook zo in toekomstige seizoenen.
De serie, gebaseerd op Martins Tales of Dunk and Egg, telt acht afleveringen en focust op de jonge ridder Ser Duncan de Lange en zijn schildknaap Egg. Waar andere Westeros-series zich vaak verliezen in zijsporen of politieke intriges, wilde Parker het verhaal compact en trouw aan de bron houden. “We hebben het geschreven alsof George zelf een boek van 300 pagina’s had gemaakt,” aldus de showrunner.
Geen zijmissies, wel verdieping
Parker benadrukt dat de kortere afleveringen niet het gevolg zijn van bezuinigingen, maar een inhoudelijke keuze. "We wilden het niet oprekken. Geen vreemde zijmissies met Dunk en Egg. We blijven bij de kern." Die focus hielp ook om Martin te overtuigen van de aanpak. De schrijver zou huiverig zijn geweest voor een uitgerekte bewerking van zijn relatief korte verhalen.
De beknopte opzet gaf de makers ook ruimte om Westeros meer op detailniveau tot leven te brengen. Zo speelt het volkse poppentheater een rol in de serie, net als de liederen waar Martin in zijn boeken veel aandacht aan besteedt, maar die tot nu toe zelden op tv opdoken.
Extra scènes, geen extra ballast
Hoewel de serie dicht bij de novelles blijft, zijn er ook toevoegingen. Zo krijgt Lyonel Baratheon een uitgebreidere rol dan in het boek, waar hij slechts één zin had. In de eerste aflevering heeft hij nu een gedenkwaardige scène die speciaal voor de serie is geschreven. Volgens Parker is dat precies de balans: uitbreiden waar het iets toevoegt, zonder de vaart uit het verhaal te halen.
De korte speelduur per aflevering zorgt er volgens Parker voor dat kijkers zich echt kunnen concentreren op Dunk en Egg en hun band, zonder afgeleid te worden door overbodige verhaallijnen. En als het aan de showrunner ligt, blijft dat ook zo in toekomstige seizoenen.