search
Prime Video-serie ‘Young Sherlock’: een Young Adult-Sherlock met een trauma
Recensie

Prime Video-serie ‘Young Sherlock’: een Young Adult-Sherlock met een trauma

Deze Holmes-pastiche in Guy Ritchie-stijl verdwaalt in een amusant, doch ridicuul plot.

Regie: Guy Ritchie, Anders Engström, Tricia Brock e.a. | Cast: Hero Fiennes Tiffin (Sherlock Holmes), Max Irons (Mycroft Holmes), Donal Finn (James Moriarty), Natascha McElhone (Cordelia Holmes), Joseph Fiennes (Silas Holmes), Colin Firth (Bucephalus Hodge), Zine Tseng (prinses Gulun Chou’an), Simon Delaney (Fitget), Holly Cattle (Edie) e.a. | Afleveringen: 8 | Speelduur: 40-54 minuten | Jaar: 2026

Het was te verwachten dat Sherlock Holmes ooit ten prooi zou vallen aan de Young Adult-golf. Maar er werden genoeg dollars en voortreffelijke acteurs tegenaan gegooid om de weinig veeleisende aanpak van de meeste YA’s te overstijgen. Young Sherlock haalt de mosterd bij de boeken van Andrew Lane, maar daar wordt amper gebruik van gemaakt. De serie begint bovendien wanneer Sherlock al bijna twintig is, wat min of meer overeenkomt met de zevende roman. De scenaristen hebben een heel eigen plot gesmeed dat best amusant is, maar ook wel van de pot gerukt.

Negentienjarige Sherlock Holmes experimenteerde als zakkenroller en dat leverde hem een gevangenisstraf op. Om hem een lesje te leren stuurt zijn oudere broer Mycroft hem naar de universiteit van Oxford. Niet om er te studeren, maar om er als laagste bediende te werken. Sherlock maakt er het beste van en wordt al snel maatjes met student James Moriarty, van wie we allemaal weten dat hij zijn latere nemesis zal worden.

De hersencellen van Sherlock moeten plots op volle toeren draaien wanneer hij beschuldigd wordt van de diefstal van een historisch document. Dat is eigendom van een andere student, de Chinese prinses Chou’an. Samen met Moriarty gaat hij op onderzoek uit. Wanneer ook nog een professor vermoord wordt en alles in de richting van de latere detective wijst, is dat het begin van een groot avontuur dat een zeer persoonlijke wending neemt.

Holmes-puristen zullen zich mogelijk storen aan de vrijheid die de scenaristen hebben genomen. Moriarty wordt hier de beste vriend van Holmes en fungeert als een dokter Watson avant la lettre, terwijl in de boeken van Arthur Conan Doyle de oudere Sherlock hem nooit eerder heeft ontmoet. De scenaristen kennen Sherlock ook een trauma toe, wat al in de eerste scènes uit de doeken wordt gedaan: zijn zusje Beatrice – neen, geen Enola Holmes – werd dood teruggevonden toen hij nog een kind was. Ook daarvan is zowel in de boeken van Doyle als Lane geen sprake.

Het is best om de serie niet te veel te toetsen aan het oeuvre van Doyle en je te laten meedrijven met de intrige. Die wordt alsmaar complexer, maar ook absurder. In de tweede helft van het seizoen zit je met zoveel opmerkingen over onlogische en ridicule wendingen dat je er gek van wordt. En dan vertikken de scenaristen ook nog eens antwoorden te geven over belangrijke plotelementen. Het lijkt wel alsof logica niet meteen hun prioriteit was. Tenzij er oplossingen komen in het tweede seizoen. Toch is het vreemd dat Sherlock zelf de essentiële vragen nooit stelt.

De serie biedt enkele flinke verrassingen, maar nogmaals, het lijkt allemaal vergezocht, met wendingen om de wendingen zonder dat er een sluitende verklaring komt. Opvallend zijn de zeer beperkte amoureuze perikelen. Er wordt wel wat geflirt en Sherlock lijkt op een speelse manier aangetrokken door de Chinese prinses. Maar daar blijft het bij. Waarschijnlijk omdat in de boeken van Doyle de detective altijd een enigszins enigmatische relatie met vrouwen heeft. Ergens moet het respect voor het iconische personage overeind blijven.

Toch blijf je kijken, in de eerste plaats omdat de uitstekende acteurs sappige dialogen met een perfecte komisch timing en Britse flegma debiteren. Heerlijk zijn Colin Firth als de arrogante universiteitsprofessor Hodge en Max Irons als de constant geïrriteerde Mycroft. Die zijn job bij het ministerie van Buitenlandse Zaken op de helling ziet staan omdat broerlief weer eens de wet heeft overtreden.

Hero Fiennes Tiffin, bekend van de After-filmreeks en als neef van Ralph en Joseph Fiennes, verrast met een opvallend volwassen vertolking en wacht wellicht een succesvolle toekomst. Maar hij is wel een heel andere Sherlock dan Benedict Cumberbatch in de populaire BBC-serie: een intellectuele idealist die geen sporen vertoont van autisme, sarcasme en seksisme. Hero’s detective wordt duidelijk gedreven door schuldgevoelens en door het lichtjes oedipale karakter van zijn opvoeding: een liefdevolle moeder in het krankzinnigenhuis en een avontuurlijke, maar afwezige vader.

Stilistische zet Guy Ritchie de toon in de eerste twee afleveringen. Ver hoefde hij niet te zoeken. Hij brengt immers een lichtjes afgezwakte regieversie van zijn twee Sherlock Sherlock-films met Robert Downey Jr. en Jude Law. Maar inhoudelijk is er tussen de films en deze serie geen verband. Young Sherlock richt zich trouwens op een jonger publiek dat tuk is op mysterie, actie, drama en droge humor. Al bij al is dit vermakelijke pulp die het echter niet zo nauw neemt met geloofwaardige vertellen.



Aanbevolen artikelen