Recensie
NPO Start-serie 'MacDonald & Dodds' seizoen 4: het slotseizoen bevat weinig chemie tussen de hoofdinspecteur en de sergeant
Na de eerste aflevering daalt de kwaliteit tot een zeer bedenkelijk niveau.
Regie: Stephen Gallacher, Samantha Harrie, Khurrum M. Sultan | Cast: Tala Gouveia (Lauren MacDonald), Jason Watkins (Sidney Dodds), Claire Skinner (Mary Ormond), Bhavik C. Pankhania (DC Lee), Hugh Quarshie (Clarence Adderly), Toby Stephens (Mark Holgate), Lydia Leonard (Lucy Holgate), e.a. | Afleveringen: 3 | Speelduur: 86-89 minuten | Jaar: 2024
DCI (Detective Chief Inspector) Lauren MacDonald en DS (Detective Sergeant) Sidney Dodds zijn terug in het vierde seizoen van de serie die hun achternamen als titel heeft. Het rommelt weer in Bath, met een moord hier en een vermissing daar. Ook dit seizoen bestaat weer uit drie lange televisieafleveringen, dan wel korte speelfilms, waarin het ongewone rechercheursduo enkele sterk uiteenlopende moordzaken behandelt. Alles binnen het team gebeurt natuurlijk strikt hiërarchisch, waar de Engelsen zo van houden. Zíj is de baas en híj de ondergeschikte. “You got that, sergeant?”, “Yes ma’am.”
Dit vierde seizoen begint relatief sterk met een boeiende zaak rond de nalatenschap van blues-pionier Robert Johnson. In 1932 zou deze artiest bij een wegenkruispunt zijn ziel aan de duivel hebben verkocht in ruil voor een enorme injectie aan muzikaal talent. Het verhaal brengt ons vervolgens van de Mississippi Delta naar het bruisende, hedendaagse Bath, waar zich (toevalligerwijs?) een aantal mensen met grote interesse in deze gebeurtenis heeft verzameld. Een van hen vindt natuurlijk vroegtijdig de dood. MacDonald en Dodds kunnen aan de bak.
De aflevering over de ‘crossroads blues’ wordt gekenmerkt door een interessant achtergrondverhaal, logisch detectivewerk en verrassende plotwendingen die toch redelijk organisch aanvoelen. Na deze eerste anderhalf uur zakt het niveau van de serie echter volledig in en komt dit niet meer te boven. De slim gevonden verrassingen maken in aflevering twee en drie plaats voor zeer geforceerde ketens van gebeurtenissen en de achterliggende verhalen worden banaal en zijn simpelweg compleet ongeloofwaardig.
En dat is eigenlijk de doodsteek voor een serie als deze, want álle kwalitatieve waarde van MacDonald & Dodds wordt behaald met de aantrekkingskracht, originaliteit en inventiviteit van de behandelde zaken. Naast het ontcijferen van het whodunit-vraagstuk is er weinig om de kijker te vermaken. De dialogen en personages zijn saai. De persoonlijke levens van Lauren en Sidney krijgen amper aandacht en ook de band tussen de twee is niet erg interessant of dynamisch. Lauren is koel en afstandelijk en doet een tikkeltje neerbuigend tegen Sidney, die al haar bevelen slaafs opvolgt.
Rechercheur Sidney is – zoals we zo vaak zien in detectiveseries – licht autistisch en zorgt met zijn unieke inzichten meestal voor de doorbraak in de zaken en hij zorgt natuurlijk ook voor de komische noot. Jason Watkins vult de rol subtiel in, maar Tala Gouveia als DCI MacDonald is erg vlak en houterig in haar manier van doen. Misschien is dat wat de rol van haar vraagt, maar het zorgt niet voor een prettig en/of sympathiek titelpersonage.
De andere acteurs zijn ook een nogal wisselend succes. Op Hugh Quarshie, Toby Stephens, Lydia Leonard en Holli Dempsey kun je bouwen, maar Bhavik C. Pankhania bijvoorbeeld, die de terugkerende rol van DC (Detective Constable) Lee speelt, is tamelijk lachwekkend en dat is echt niet zo bedoeld. De man duikt steeds met zijn iPadje in beeld wanneer het script hem vraagt wat informatie te spuien die de zaak verder helpt. Ach, misschien valt het de acteur niet eens zozeer te verwijten, maar moeten we onze pijlen op de schrijvers en regisseurs richten.
MacDonald & Dodds volgt een gedateerd stramien. Tijdens de zaken maken de rechercheurs iedereen die maar wil luisteren (met name de diverse verdachten) deelgenoot van de ontwikkelingen in de zaak en hun eigen ideeën daarover. En in de finale van elke aflevering wordt net als in Murder She Wrote of Agatha Christie’s Marple natuurlijk alles keurig uit de doeken gedaan, waarbij alle belanghebbenden geduldig naar de uitleg luisteren. Een uitleg die vaak stoelt op allerlei informatie waar de kijker geen enkele weet van had. Nee, het heeft weinig zin om de detective in jezelf aan het werk te zetten.
Ook de opbouw van de scènes is een zwak punt van MacDonald & Dodds. Op de meeste crimescenes zijn de rechercheurs al ter plaatse terwijl de getuigen nog geen minuut bekomen zijn van wat ze hebben gezien. De timing klopt gewoon niet. En waar zijn de agenten in het blauw? De bepaald niet atletische Lauren en Sidney voeren de meeste arrestaties en ondervragingen in het veld gewoon gezellig met zijn tweetjes uit, zonder extra bescherming tegen verdachten die mogelijk weleens van zich af kunnen bijten. Het lijkt haast wel alsof ze het script hebben gelezen…
DCI (Detective Chief Inspector) Lauren MacDonald en DS (Detective Sergeant) Sidney Dodds zijn terug in het vierde seizoen van de serie die hun achternamen als titel heeft. Het rommelt weer in Bath, met een moord hier en een vermissing daar. Ook dit seizoen bestaat weer uit drie lange televisieafleveringen, dan wel korte speelfilms, waarin het ongewone rechercheursduo enkele sterk uiteenlopende moordzaken behandelt. Alles binnen het team gebeurt natuurlijk strikt hiërarchisch, waar de Engelsen zo van houden. Zíj is de baas en híj de ondergeschikte. “You got that, sergeant?”, “Yes ma’am.”
Dit vierde seizoen begint relatief sterk met een boeiende zaak rond de nalatenschap van blues-pionier Robert Johnson. In 1932 zou deze artiest bij een wegenkruispunt zijn ziel aan de duivel hebben verkocht in ruil voor een enorme injectie aan muzikaal talent. Het verhaal brengt ons vervolgens van de Mississippi Delta naar het bruisende, hedendaagse Bath, waar zich (toevalligerwijs?) een aantal mensen met grote interesse in deze gebeurtenis heeft verzameld. Een van hen vindt natuurlijk vroegtijdig de dood. MacDonald en Dodds kunnen aan de bak.
De aflevering over de ‘crossroads blues’ wordt gekenmerkt door een interessant achtergrondverhaal, logisch detectivewerk en verrassende plotwendingen die toch redelijk organisch aanvoelen. Na deze eerste anderhalf uur zakt het niveau van de serie echter volledig in en komt dit niet meer te boven. De slim gevonden verrassingen maken in aflevering twee en drie plaats voor zeer geforceerde ketens van gebeurtenissen en de achterliggende verhalen worden banaal en zijn simpelweg compleet ongeloofwaardig.
En dat is eigenlijk de doodsteek voor een serie als deze, want álle kwalitatieve waarde van MacDonald & Dodds wordt behaald met de aantrekkingskracht, originaliteit en inventiviteit van de behandelde zaken. Naast het ontcijferen van het whodunit-vraagstuk is er weinig om de kijker te vermaken. De dialogen en personages zijn saai. De persoonlijke levens van Lauren en Sidney krijgen amper aandacht en ook de band tussen de twee is niet erg interessant of dynamisch. Lauren is koel en afstandelijk en doet een tikkeltje neerbuigend tegen Sidney, die al haar bevelen slaafs opvolgt.
Rechercheur Sidney is – zoals we zo vaak zien in detectiveseries – licht autistisch en zorgt met zijn unieke inzichten meestal voor de doorbraak in de zaken en hij zorgt natuurlijk ook voor de komische noot. Jason Watkins vult de rol subtiel in, maar Tala Gouveia als DCI MacDonald is erg vlak en houterig in haar manier van doen. Misschien is dat wat de rol van haar vraagt, maar het zorgt niet voor een prettig en/of sympathiek titelpersonage.
De andere acteurs zijn ook een nogal wisselend succes. Op Hugh Quarshie, Toby Stephens, Lydia Leonard en Holli Dempsey kun je bouwen, maar Bhavik C. Pankhania bijvoorbeeld, die de terugkerende rol van DC (Detective Constable) Lee speelt, is tamelijk lachwekkend en dat is echt niet zo bedoeld. De man duikt steeds met zijn iPadje in beeld wanneer het script hem vraagt wat informatie te spuien die de zaak verder helpt. Ach, misschien valt het de acteur niet eens zozeer te verwijten, maar moeten we onze pijlen op de schrijvers en regisseurs richten.
MacDonald & Dodds volgt een gedateerd stramien. Tijdens de zaken maken de rechercheurs iedereen die maar wil luisteren (met name de diverse verdachten) deelgenoot van de ontwikkelingen in de zaak en hun eigen ideeën daarover. En in de finale van elke aflevering wordt net als in Murder She Wrote of Agatha Christie’s Marple natuurlijk alles keurig uit de doeken gedaan, waarbij alle belanghebbenden geduldig naar de uitleg luisteren. Een uitleg die vaak stoelt op allerlei informatie waar de kijker geen enkele weet van had. Nee, het heeft weinig zin om de detective in jezelf aan het werk te zetten.
Ook de opbouw van de scènes is een zwak punt van MacDonald & Dodds. Op de meeste crimescenes zijn de rechercheurs al ter plaatse terwijl de getuigen nog geen minuut bekomen zijn van wat ze hebben gezien. De timing klopt gewoon niet. En waar zijn de agenten in het blauw? De bepaald niet atletische Lauren en Sidney voeren de meeste arrestaties en ondervragingen in het veld gewoon gezellig met zijn tweetjes uit, zonder extra bescherming tegen verdachten die mogelijk weleens van zich af kunnen bijten. Het lijkt haast wel alsof ze het script hebben gelezen…